Osteopathie en orthodontie

Een samenwerking tussen craniale osteopathie en tandheelkunde kan niet genoeg benadrukt worden. Mond- en tandproblemen kunnen een direct effect op de rest van het lichaam hebben. Het gezicht bestaat uit verschillende botstukken. Sommige van deze botstukken zijn erg delicaat en zijn op een gecompliceerde manier met elkaar verbonden. Alle botstukken van het gezicht bewegen vrij ten opzichte van elkaar. Deze beweging is belangrijk om de afvoer van de sinussen te onderhouden en voor een vrije doorgankelijkheid van lucht door de neus. Een trauma aan het gezicht kan de normale beweeglijkheid tussen de botstukken beperken en kan een positief effect hebben op de rest van het lichaam.

Druk- en trekkrachten die horen bij een tandheelkundige ingreep hebben mogelijks gevolgen op de aangezichtsschedel en indien niet behandeld zo ook mogelijks op de rest van het lichaam.

Het is aangeraden osteopathie te ondergaan bij:

  • beugels en orthodontie: voor, tijdens en na de ingreep.
  • Bij hoofdpijn, nekpijn na orthodontie.
  • Bij tandenknarsen, klemmen, kaakgewrichtsproblemen zoals moeilijk openen of sluiten, klikkende kaak, pijn, …
  • Verminderde concentratie na orthodontie
  • Na extractie van tanden.
  • Bij sinus- en oorklachten na tandheelkundige ingrepen.
  • Bij rug- en nekpijn na tandheelkundige ingrepen.
  • Bij kauwproblemen.
  • Bij het dragen van een kunstgebit en bruggen.
  • Pijn rond of achter de ogen na een tandheelkundige ingreep.
  • Bij afwezigheid van tanden.